Terug naar nieuwsoverzicht
16/03/22

Drie dames en een heer in gesprek over het IJmondgebied, de energietransitie en het bedrijfsleven


Schouders eronder, Stekker erin.


De dames


Dorothy Winters – Programmamanager Offshore Wind

AYOP - dé netwerkvereniging in offshore energie


Ingrid Post – Programmadirecteur Energietransitie

Projectbureau Noordzeekanaalgebied


Manon Raats –  Stakeholdermanager regio IJmond

TenneT - tevens AYOP-lid


De heer


Serge Ferraro – Wethouder Economische Zaken

Gemeente Beverwijk - tevens AYOP-lid



De Groene Stekker: schone wind energie, vanuit zee aan land gebracht in Heemskerk om via gemeente Beverwijk en Velsen uit te komen bij het hoogspanningsstation van TenneT langs de A9. Essentieel in het kader van de energietransitie en de verduurzaming van het bedrijfsleven. En een factor van betekenis met betrekking tot de leefbaarheid van de omgeving.


‘We moeten elkaar in onze verhalen versterken’


Maar voor het zover is moet er nog wel het een en ander gebeuren. Denk aan de aanleg van een kabelinfrastructuur en de bouw van windturbines en laadstations. En, niet op de laatste plaats, aan het creëren van draagvlak. Taken die voor een belangrijk deel bij het bedrijfsleven en de overheid liggen. Wat de prioriteiten zijn? Om daar antwoord op te krijgen bracht Dorothy Winters, programmamanager Offshore Wind bij AYOP, drie direct betrokkenen bij elkaar en liet hen daarover van gedachten wisselen. “Oké, vraag één, komt ie….”

“Wat staat het bedrijfsleven en de overheid te doen? Wat is er voor nodig om de Groene Stekker te laten slagen?”

Serge Ferraro: “Laat ik beginnen om te zeggen dat het zonder meer een spannend en zeker geen eenvoudig traject is. Maar krijgen we de energietransitie volgens de plannen die er nu liggen voor elkaar, dan biedt dat enorm veel kansen voor het bedrijfsleven en de werkgelegenheid. In het Noordzeekanaalgebied én  in de rest van Nederland. Waar we mijns inziens op moeten inzetten is natuurlijk kennis, maar zeker ook op handjes. Gekwalificeerd personeel dat al die nieuwe technische ontwikkelingen kan uitvoeren. Daar hebben we er nog lang niet genoeg van. Dat is een flinke uitdaging waar we voor staan."

Ingrid Post: "Het IJmondgebied is inderdaad voor de hele Nederlandse economie enorm belangrijk, maar natuurlijk minstens zo belangrijk voor de economische ontwikkeling en werkgelegenheid in de regio. Het is van cruciaal belang dat de energietransitie hier slaagt, dat de kwaliteit van de leefomgeving verbetert en  dat fijnstof en CO2 teruggedrongen worden. Het mes snijdt wat dat betreft aan twee kanten. Door schone energiebronnen als waterstof meer de ruimte te geven verbeteren we de luchtkwaliteit en kunnen er ook nieuwe waardeketens worden ontwikkeld, zoals groen staal en duurzame brandstoffen zoals synthetische kerosine. Het bedrijfsleven heeft de kennis in huis en kan bij de ontwikkeling en realisatie daarvan een belangrijke rol spelen. Maar niet alleen, de steun van de overheid en andere stakeholders is ook heel hard nodig."

Manon Raats: “We zullen al vanaf het begin de mensen en bedrijven in ons werkgebied actief bij dit project moeten betrekken en laten participeren. Daarbij is het belangrijk dat we niet alleen met lasten maar ook met lusten komen. Uiteraard is het hoofddoel dat we ons elektriciteitsnet in Noord-Holland toekomstbestendig maken, maar daarnaast is het ook belangrijk om zichtbaar te maken welke kansen dat biedt voor de omgeving. Aan ons allen, als Rijksuitvoeringsorganisaties, de taak om mensen daarin mee te nemen. Denk bijvoorbeeld aan de impact van de energietransitie op de arbeidsmarkt en het onderwijs. Door duidelijk te maken wat deze maatschappelijke overgang naar een duurzame toekomst inhoudt en wat de invloed daarvan zal zijn, kun je er voor zorgen dat er in de komende decennia voldoende opgeleide handen en hoofden beschikbaar zijn. Nu al zie je dat er in de technische branche een enorme vraag is naar kennis, kunde en capaciteit. Natuurlijk gaan we het gesprek aan over de - gelukkig vaak tijdelijke - nadelen in de vorm van omgevingshinder tijdens de noodzakelijke werkzaamheden. Maar als kartrekkers zullen wij ook gezamenlijk moeten uitdragen wat het wenkend perspectief is.”

‘Ik wil geen gekleurde wolken boven Beverwijk. Alleen groene. Figuurlijk uiteraard…’


“We moeten die mensen en bedrijven dus niet alleen nauw betrekken bij de plannen, maar ook bij de beoogde opbrengst voor ieder van hen.”

Serge: “Nauw en snel. Om draagvlak te creëren moeten we alle stakeholders, zeker ook de inwoners, echt versneld meenemen in ons verhaal en duidelijk maken wat het gaat opleveren. Niet alleen voor de economie maar juist ook voor de leefbaarheid in onze regio. Want het moet anders en vlug ook. Ik wil geen gekleurde wolken meer boven Beverwijk zien hangen. Ik wil groene – bij wijze van spreken uiteraard.”

Manon: “Met elkaar stappen we nu over op nieuwe vormen van energie, denk bijvoorbeeld aan de waterstoftechnologie. Probeer die stap en ook de techniek echt van de mensen te maken. Begin daar zo vroeg mogelijk mee om inzicht te geven in nut en noodzaak. Laat zien wat er allemaal gebeurt voordat de stroom thuis uit het stopcontact komt. Daarnaast liggen er voor de markt mooie kansen om in de betrokkenheid bij ‘hun producten’ te investeren. Een mooi voorbeeld vind ik het Eneco Luchterduinen Fonds. Dit fonds is verbonden aan het gelijknamige windpark, dat sinds 2015 voor de kust van Noordwijk en Katwijk in gebruik is genomen. Tijdens de 20-jarige levensduur van het windpark is tweejaarlijks 90.000 euro beschikbaar voor initiatieven uit Bloemendaal, Katwijk, Noordwijk en Zandvoort. Door projecten en initiatieven te ondersteunen op het gebied van energiebesparing, wil het fonds bijdragen aan de verduurzaming van de kust en het versterken van de kustbeleving."

Ingrid: “Dat is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid. De transitie heeft grote impact op de omgeving. Daarin moeten we iedereen meenemen. In iedere stap.”

Serge: “Dat betekent ook dat we bedrijven, met name de grote nationale en internationale jongens, moeten wijzen op de belangen van onze regio. Op het feit dat het voordeel twee kanten op moet gaan: hun kant, maar zeker ook de kant van de bevolking. Dat vraagt soms om andere keuzes.”

“Maar ja, hoe doe je dat? Hoe krijg je zowel die bedrijven als de bevolking mee?"

Manon Raats: “Om dit tot een gemeenschappelijk verhaal en gezamenlijke opdracht te maken, is het zaak dat we elkaar versterken in elkaars verhaal en oog hebben voor de kansen die van daaruit ontstaan. Daarvoor moeten we weten wat ieders prioriteiten zijn en daar openlijk over communiceren. Dat betekent niet dat we als schoolmeester met een lange aanwijsstok aangeven waar de kansen liggen, maar dat we vanuit het maatschappelijke gesprek een achtergrond creëren waarmee we handelingsperspectief bieden. Dat mensen en bedrijven zelf zien waar mogelijke kansen liggen, om daar vervolgens vanuit eigen initiatief mee aan de slag gaan.”

Ingrid: “Daar wordt al een begin mee gemaakt in de Cluster Energie Strategie Noordzeekanaalgebied. Hierin geeft het bedrijfsleven aan op welke wijze en wanneer de overstap van kolen en gas naar waterstof en elektriciteit wordt gemaakt en welke energie-infrastructuur daarvoor nodig is. En er wordt in duidelijk gemaakt welke projecten, wanneer en waar gerealiseerd zullen worden in de regio. Daar staan we als overheden voor. Het maken van belangrijke ruimtelijke keuzes en voor een slagvaardige uitvoering, op onderdelen uiteraard, samen met het bedrijfsleven.”

‘Trek bedrijven naar je toe en organiseer kennissessies. Doen wij ook. Dat werkt.’


“Het zwaartepunt ligt dus bij het regionale bedrijfsleven?”

Serge: “Als wethouder EZ wil ik het regionale bedrijfsleven maximaal laten profiteren van de energietransitie. Natuurlijk zie ik het liefst dat zoveel mogelijk opdrachten naar de regio gaan. Dat is alleen niet altijd mogelijk omdat er nou eenmaal bepaalde expertise van buitenaf aangetrokken moet worden. Maar spijtig genoeg ook omdat de aanbestedingsregels het vaak niet toelaten.”

Manon: “Het gaat inderdaad om grote contracten en Europese aanbestedingen. Maar dat wil niet zeggen dat er daardoor geen kansen voor het lokale bedrijfsleven zijn. Misschien niet altijd in de rol van hoofdaannemer, maar wel in die van subcontractor. Ook zaken als transport, facilitaire diensten, verhuur, kantoorruimten en catering bieden interessante kansen voor de lokale of regionale economie.”

Ingrid: “Van niet te onderschatten belang hierbij, en eigenlijk bij alle projecten die eraan zitten te komen, is dat er voldoende capaciteit en kennis bij de gemeenten aanwezig is. Zij spelen een cruciale rol bij bijvoorbeeld het verlenen van vergunningen en de informatievoorziening richting bewoners. Wij proberen ze daarbij te faciliteren en gebruiken hierbij ook kennis en ervaring vanuit het bedrijfsleven.”

Manon: “Ja, daar ligt inderdaad een mooie uitdaging. Waar we het wiel overigens niet opnieuw voor hoeven uit te vinden. Kijk naar hoe andere grote aanbestedende partijen zoals Rijkswaterstaat of ProRail dat op grote projecten eerder al succesvol hebben ingevuld. Zo kun je ongetwijfeld veel inspiratie ophalen bij projecten zoals bijvoorbeeld de Noord/Zuidlijn of de verbreding snelweg Schiphol-Amsterdam-Almere. Hoe hebben politiek, het bedrijfsleven en de omgeving het daar samen tot een succes gemaakt? Zorg voor uitwisseling van kennis en ervaring en probeer dat voordeel breed in te zetten om zoveel mogelijk mensen mee te krijgen.”

 “Wat zou AYOP kunnen doen om dit traject te laten slagen?”

Ingrid: “Trek ervaren overheidsinstanties en bedrijven naar je toe, organiseer kennissessies en wissel ervaringen en best practices uit. Dat doen wij ook en het werkt. Daar zie ik dus een mooie verbindende rol in weggelegd voor AYOP. Jullie hebben immers de contacten en dus de kennis in je netwerk. Met de leden van AYOP kunnen we grote slagen maken.”

Voldoende knowhow bij overheden, dat is van cruciaal belang.


Manon: “AYOP zou heel goed een drijvende kracht kunnen zijn achter het verbinden van denkers en doeners. Waarde ontstaat namelijk waar je die werelden met elkaar verbindt en verschillende culturen met elkaar laat optrekken. Zorg voor passende vormen waarin voldoende veiligheid en vertrouwen ontstaat waardoor processen gaan stromen. Een mooi lokaal voorbeeld is de zandwinning waarmee we op het strand van Heemskerk het grootste zandkasteel van NL hebben laten bouwen. Voor de installatie van elektriciteitskabels die van onze stopcontacten op zee komen, moest er vanaf dat tijdelijk verhoogde werkterrein vier keer onder de duinen door worden geboord. Toen we tijdens ons overleg met de omgeving aangaven dat we zeker 50.000 kuub zand nodig hadden voor een verhoogd werkterrein, kregen we een praktische tip van een strandexploitant. Door de ligging van de pier van IJmuiden zorgt de stroming even verderop bij Wijk aan Zee, ter hoogte van het Zuiderbad, het hele jaar door voor zandaanwas. Dit in tegenstelling tot de rest van de kust van Noord-Holland, waar juist doorlopend sprake is van zandafslag. Normaliter krijg je daar van het bevoegd gezag geen toestemming voor, aangezien het strand en de duinen deel uitmaken van de primaire waterkering. Toch hebben we deze lokale hands on oplossing niet gelijk aan de kant geschoven en hebben we de knappe koppen van Deltares gevraagd deze optie goed te bestuderen. Op basis van gezamenlijke inspanning kregen we van Rijkswaterstaat en het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier toestemming het zand lokaal te winnen en via het strand te transporteren. Zo konden we met elkaar voorkomen dat 2.500 dumptrucks door de kern van Wijk aan Zee zouden denderen. Dat was dikke winst voor iedereen, die we vanuit TenneT zelf nooit hadden bedacht.”

Serge: “Over concreet gesproken: ik denk aan de subsidiestromen vanuit Europa. De meeste bedrijven weten er van, maar lang niet altijd genoeg. In die trajecten kan AYOP ze zeker helpen, met informatie en advies. Zoals Manon al aangaf, ondernemers zijn doorgaans doeners. Die zijn erg geholpen als AYOP ze wat meer praktische en bruikbare adviezen op dat gebied kan aanreiken.”

Ingrid: “Bemiddelen, dilemma’s oplossen en verbinden. Dat zijn de dingen die AYOP kan entameren en die ontegenzeggelijk veel op zullen leveren.”

Manon: “En daar kunnen zomaar goede ideeën uit voortkomen is mijn ervaring. Denk aan het Amsterdam Light Festival, dat ontstaan is tijdens de jarenlange werkzaamheden aan de Noord/Zuidlijn. Een idee van ondernemers om zo meer bezoekers naar de stad te trekken tijdens de werkzaamheden. Inmiddels is dat uitgegroeid tot een jaarlijks en op zichzelf staand evenement waarvoor mensen uit het hele land naar Amsterdam toekomen. Een dergelijk idee zouden we hier ook kunnen goed kunnen gebruiken, met wind en groene energie als leidraad.”

Dit was het vijfde gesprek uit een reeks over de stand van zaken in de offshore sector. Is er een onderwerp waarover je mee wilt discussiëren, neem dan contact op met Sylvia Boer: [email protected].